Steenloper | Arenaria interpres

De hele week werd de Brilzee-eend gemeld maar ik moest werken. Ook mijn maatjes hadden al een bezoek aan Texel gebracht. De vogel moest dus maar blijven zitten. Vrijdag zou de eerste mogelijkheid zich aandienen.

Alwin en de gang gingen op verkenning in Zwitserland ik ga vrijdag dus voor de verandering een keer alleen weg. Vrijdag ochtend om 05.00 uur sta ik op en rijd de A50 op richting Den Helder. De boot van half 8 moet haalbaar zijn. Iets over zevenen kwam ik aan bij de veerboot en het bleek dat ik niet de enige was die deze week heeft moeten werken. Verschillende vogelaars stonden te wachten met hetzelfde doel als ik. Eenmaal op de boot werd de vogel gepiept. Dat geeft normaal een goed gevoel maar dit word mijn 9de poging dus ik ben een beetje terug houdend. De vogel zat in de Mokbaai en kon misschien zelfs vanaf de boot gezien worden. Dat bleek niet het geval. De tocht verliep voorspoedig en snel volgden een aantal auto’s elkaar richting de Mokbaai. De meesten zochten een plekje aan de noordzijde ik reed door naar de zuidzijde om iets beter beschut te staan. Het was niet bepaald warm en er stond een krachtige wind. Het duurde niet lang tot ik de vogel vond. Hij zwom zoals gemeld tussen de Eiders en op een afstand van ongeveer 400 meter. Prachtig met de telescoop maar helaas geen foto kansen. Ook de andere vogelaars kregen in de gaten dat het hier iets aangenamer was want de meeste kwamen naar deze zijde gereden. Ik heb de vogel een half uur bekeken en besloot verder Texel te gaan verkennen.

Scholekster | Haematopus pstralegus
Tapuit | Oenanthe oenanthe

Aan het begin van de Mokbaai een snelle scan over het wad leverde Rosse Grutto’s en een enkele Bontbek op. Bij de Petten zaten 2 Kanoeten waarvan 1 volledig in zomerkleed en waarvan ik een paar plaatjes gemaakt heb. Volgend doel waren de Morinellen die gisteren gemeld waren en de Ruigpootbuizerd die in hetzelfde gebied zat. Ik had geen haast en kon onderweg een Scholekster en een Tapuit op de plaat zetten. Een Steenloper in zomerkleed liet zich fraai fotograferen bij de Krassekeet. De Morinellen kwamen nu via de mail binnen. Ze zaten langs de Hoofdweg bij huisnummer 34. Ik had nog steeds geen haast en checkte een groepje Rotganzen en vond hier een Witbuikrotgans. Bij nummer 34 stond 1 auto en met de verrekijker zag ik 3 Morinelplevieren lopen. Er zouden er 11 moeten zitten maar ik kon er niet meer dan 3 vinden. Het bleek dat er vogels weggevlogen waren naar een ander veld dus dat klopte. Een poging om de Ruigpootbuizerd te vinden liep op niets uit. Na nog wat rond dwalen besloot ik om de boot van 12.00 uur terug naar Den Helder te nemen.

Kanoet | Calidris canutus

Ik had de Kleine Topper nog niet die al een tijd bij Waterpark De Oude Zeug zit. Op weg daarnaar toe kan ik ook nog de plasjes van de Dijksgatweide inspecteren. Onderweg hier naar toe werden 2 Dunbekmeeuwen gepiept. Westkapelle, dat was wel erg ver en ik moest op tijd thuis zijn voor een afscheid feestje. Die moesten maar blijven zitten tot morgen. Dunbekmeeuwen heb ik nog niet in Nederland dus met een beetje een gemengd gevoel zette ik mijn reis voort. Bij de Dijksgatwijde zat niet veel bijzonders maar wel grote aantallen Groenpootruiters en ik kon mijn eerste Zomertaling van dit jaar bijschrijven. Een Kolgans en een Brandgans waren welkom voor de daglijst. Bij de Oude Zeug moest ik toch wel even zoeken tot ik een kandidaat Kleine Topper in de scope kreeg. De vogel zat echter met zijn kop in de vleugels dus ik kon de vaak aanwezige hybride vogel niet uitsluiten. Het duurde bijna 45 minuten toen de vogel wakker werd. Duidelijk was nu de geheel blauw grijze snavel te zien. Het licht en de afstand waren zo goed dat ik zelfs de kleine zwarte punt kon herkennen. De blauw paarsachtige kop lichte mooi op en de spitse kruin was ook goed te zien. Er zaten ook een 15 tal Toppers welke goed waren voor mijn maandlijst. Er werden Witwangsternen gemeld bij de Kraaijenbergse Plassen. Dat was dicht bij huis dus dit werd de volgende bestemming. Na bijna 2 uur rijden vond ik al snel 13 Witwangsternen die aan het foerageren waren op insecten. Een gemelde Noordse Sternkon ik niet gevonden krijgen. Het was inmiddels half 5 geworden en tijd om naar huis te gaan.

Met een daglijst met 94 soorten en Lifer nummer 380 kon ik de dag afsluiten.